envelopeinfo@allesoverrechten.nl phone030-737 11 21

Deze site gebruikt cookies. Privacy

Direct een afspraak maken

 
 
 
 
 

Aansprakelijkheid voor dieren

Op een zonnige voorjaarsdag loopt u met uw hond Max door het bos. U heeft netjes een cursus gevolgd met Max, dus doorgaans luistert hij goed als u hem roept. Na een tijdje met de hond aangelijnd gewandeld te hebben, besluit u hem dan ook los te laten, zodat hij lekker kan rennen. 

Enkele minuten later komt er een mountainbiker voorbij die het tempo er stevig in heeft. Max bedenkt zich geen moment, rent op de fietser af en schiet vlak voor zijn voorwiel langs. Roepen heeft geen zin, Max lijkt het allemaal niet te horen. Intussen is de mountainbiker al gevallen door de actie van Max en nog erger, hij heeft waarschijnlijk zijn pols gebroken. U bent geschrokken, de man op de fiets is vooral boos en zegt dat hij stappen zal ondernemen om zijn schade te verhalen. Bent u aansprakelijk voor schade veroorzaakt door het gedrag van uw hond of een ander dier dat van u is? 

Ons burgerlijk wetboek bevat een artikel dat gaat over de aansprakelijkheid voor dieren. U bent als bezitter van een dier risicoaansprakelijk voor het gedrag van uw dier vanwege het feit dat hij zich zelfstandig kan gedragen en dit gedrag gevaar op kan leveren voor anderen. 

Risicoaansprakelijkheid is aansprakelijkheid die niet gebaseerd is op schuld of verwijtbaarheid, maar op het hebben van een bepaalde hoedanigheid. In de hoedanigheid als moeder, bent u aansprakelijk voor de gedragingen van uw kind. In de hoedanigheid als bezitter van een dier, bent u aansprakelijk voor gedragingen van dit dier. Onder een dier verstaat men zowel wilde als tamme dieren, gevaarlijk en ongevaarlijk. Er wordt dus geen onderscheid gemaakt.

Voor het bepalen van de risicoaansprakelijkheid wordt enkel gegeken of iemand als bezitter van het dier is aan te merken. Is dat niet het geval? Dan is er geen sprake van risicoaansprakelijk. De persoon bezit dan niet de hoedanigheid van bezitter, dus kan niet in die hoedanigheid aansprakelijk gesteld worden.

In de gevallen waar u niets aan kon doen, doordat het dier op eigen houtje schade heeft veroorzaakt, bent u in beginsel nog steeds aansprakelijk wanneer u bezitter bent van dit dier.

Vereisten

Om aansprakelijk te zijn, moet aan de volgende vereisten zijn voldaan:

  • u moet bezitter zijn van het dier;

  • de schade moet door het dier zelf zijn aangericht;

  • er mogen geen omstandigheden zijn waardoor verzet tegen aansprakelijkheid mogelijk is (tenzij-regel).

Bezitter van een dier

Bezit is een term die in het dagelijks leven vaak anders in wordt gevuld dan in het recht. Wanneer het wetboek spreekt van bezit, wordt bedoeld het ‘houden (van iets) voor zichzelf’. Dit hoeft dus niet perse te betekenen dat je eigenaar bent van een dier. Ook de dief van een paard houdt dit dier voor zichzelf, ook al is hij geen eigenaar. Door zijn bedoeling is hij wél bezitter. Anders is het met het buurmeisje dat de hond van haar buurvrouw uit laat. Zij is géén bezitter van deze hond, want ze houdt de hond niet voor zichzelf. Op het moment dat zij de hond uit laat, houdt zij het dier voor haar buurvrouw. Het buurmeisje heeft niet de bedoeling zich als eigenaar van de hond te gedragen. Ze brengt hem na afloop van haar wandeling weer terug bij haar buurvrouw. In de praktijk is dit vaak niet ingewikkeld en is de bezitter van het dier dezelfde persoon als de eigenaar.

Schade is zelfstandig aangericht

Je bent als bezitter aansprakelijk voor de schade die het dier heeft veroorzaakt als het dier de schade zelfstandig heeft aangericht. Hiermee wordt bedoeld dat het dier op eigen houtje iets heeft gedaan waaruit schade is voortgekomen, dus zonder commando. Een voorbeeld: een ruiter die een paard expres op iemand afstuurt om op deze persoon in te rijden, is op basis van onrechtmatige daad aansprakelijk voor de veroorzaakte schade. Het paard gedroeg zich niet zelfstandig. Hij deed wat zijn ruiter hem vroeg. Het gedrag van het paard wordt dan gezien als het gedrag van zijn berijder. Slaat het paard op hol en loopt hij hierbij een persoon omver? Dan is het gedrag van het paard wél zelfstandig. In dat geval is het artikel voor de aansprakelijkheid voor dieren van toepassing en is de bezitter op grond van dit artikel aansprakelijk. Nog enkele voorbeelden van zelfstandig en onzelfstandig gedrag:

  • wanneer het dier een gegeven commando niet opvolgt, is er sprake van een zelfstandige, eigen gedraging van het dier;

  • van onzelfstandig gedrag is sprake wanneer het dier schade veroorzaakt, doordat hij bijvoorbeeld ergens tegenaan wordt geduwd. Het dier gedroeg zich ten slotte niet zelf op deze manier, hij kon er niets aan doen. Zijn gedrag is het gevolg van ‘van buiten komende krachten’;

  • het overbrengen van een besmettelijke ziekte is géén zelfstandige gedraging van het dier. Hiervoor is de bezitter dan ook niet aansprakelijk.

 

Tenzij…

Op basis van het voorgaande bent u dus kort gezegd als bezitter van een dier aansprakelijk voor de schade die het dier zelf heeft veroorzaakt. 

Maar er is een uitzondering en die komt op het volgende neer: eerst moet er gekeken worden of de bezitter van het dier aansprakelijk zou zijn geweest wanneer de schade niet werd veroorzaakt door het dier zelf, maar doordat het gedrag bewust toe werd gelaten door de bezitter (hij gaf een commando). De bezitter is in dat geval op grond van de onrechtmatige daad zelf aansprakelijk voor zijn eigen gedrag. Denk hierbij aan het hiervoor genoemde voorbeeld van het op hol geslagen paard.

Ten tweede moet gekeken worden of er omstandigheden zijn waardoor aansprakelijkheid van deze persoon niet aanwezig zou zijn wanneer hij de schade zelf had veroorzaakt, bijvoorbeeld omdat er sprake is van overmacht of noodweerIs aan dit tweede vereiste ook voldaan? Dan is de ‘tenzij-regel’ van toepassing. De reden waarom aansprakelijkheid van de persoon zelf zou moeten ontbreken wordt dan als het ware gekopieerd op de eigenlijke situatie waarin het dier de schade zelfstandig heeft veroorzaakt. Dit brengt dan met zich mee dat de bezitter van het dier toch niet aansprakelijk is voor de schade die het dier heeft toegebracht.

Sprekend voorbeeld hierbij is de hond die een inbreker aanvalt en verwondt. Volgens de hoofdregel is de bezitter dan aansprakelijk, omdat het gedrag van de hond zelfstandig is. Maar, wanneer de bezitter de hond zelf op de inbreker zou hebben afgestuurd en dus aansprakelijk zou zijn voor zijn eigen gedrag, zou deze persoon zich erop kunnen beroepen dat hij zich moest verdedigen tegen de inbreker. Er zou dan sprake zijn van noodweer. Deze reden wordt gekopieerd op de eigenlijke situatie en daarom is de bezitter ook niet aansprakelijk voor de gedraging van de hond.

Door de werking van de ‘tenzij-regel’ kan de bezitter zich op noodweer beroepen, ook al heeft de hond de schade zelfstandig veroorzaakt. Hiermee kan de bezitter zich verweren tegen zijn aansprakelijkheid voor het gedrag van zijn hond. Wanneer een rechter dit verweer geheel of gedeeltelijk accepteert, kan dit betekenen dat de bezitter geheel of gedeeltelijk onder zijn aansprakelijkheid uit komt en de schade die zijn dier heeft veroorzaakt niet of niet helemaal hoeft te vergoeden.